Een bonte boel in je hoofd
Autistische
mensen hebben een hekel aan kerstfeestjes; ADHD’ers zijn altijd nerveus
en komen steeds te laat op vergaderingen; dyslexie is eigenlijk gewoon
een ander woord voor dom. Dit zijn slechts drie voorbeelden van de
vooroordelen waarmee mensen die neurodivergent zijn geconfronteerd
worden. Toch kan diversiteit van denken leiden tot betere, creatievere
oplossingen – ook op de werkplek. Nina Leibel legt uit waarom in een
interview met Xpress.
Nina,
op 21-jarige leeftijd kreeg jij de diagnose ADHD. Desondanks – en dat
is eigenlijk het verkeerde woord – was je manager bij een gerenommeerd
consultancybedrijf en richtte je neosity op, een succesvol,
neuro-inclusief professioneel netwerk. Wat betekent neurodivers zijn in
je dagelijkse werk?
Nina Leibel: Mijn ADHD is natuurlijk altijd
bij me. Het is niet iets dat ik zomaar kan uitschakelen als ik naar
kantoor ga. En het heeft even geduurd voordat ik de ’problemen’ als
gevolg van mijn diagnose accepteerde. Ik vind smalltalk bijvoorbeeld
moeilijk, ik heb vaak een ’nevenactiviteit’ nodig om geconcentreerd te
blijven tijdens langere vergaderingen, en als de hond van mijn collega
op de achtergrond blaft tijdens een Teams-vergadering, kan dat me van de
wijs brengen. Als jonge professional heb ik hier lang last van gehad.
Ik lette er altijd op om me aan te passen en was constant bang om te
luid of te snel te zijn. Dat ’maskeren’ zorgt voor extreem veel stress
en is vaak erg frustrerend. Maar nu weet ik precies hoe ik functioneer
en, ik zou zelfs zeggen, dat ik professioneel niet zo snel mijn weg zou
hebben gevonden zonder mijn ADHD.
Veel mensen met
neurodivergentie voelen zich waarschijnlijk zoals jij aan het begin van
hun carrière – en dat is ongeveer 20 procent van de bevolking. Welk
advies zou je hen geven? Wat is de beste manier om met de diagnose om te
gaan in een professionele context?
Je hoeft zeker niet meteen
met de deur in huis te vallen. Een diagnose is altijd een ingrijpende
ervaring, en die moet je eerst zelf verwerken. Het is niet nodig dat de
hele afdeling alle details kent. Toch is het belangrijk dat je binnen
het team open communiceert over je sterke en zwakke punten – ook al
vergt dat moed. Anders kan het snel tot frustratie leiden. Ik kan
bijvoorbeeld heel goed projecten structureren voor anderen, terwijl mijn
eigen bureau een chaos is. Ik ben slecht in nauwkeurige
organisatorische taken, en presteer het best als de deadline nadert en
het project eigenlijk al in het honderd loopt. Gelukkig heb ik altijd
veel begrip gehad van mijn superieuren en heb ik de vrijheid gekregen om
de dingen te doen zoals ik het wil.
Hoe ziet een neuro-inclusieve werkomgeving er voor jou uit?
Het
is eigenlijk heel eenvoudig: iedereen moet zijn werk zoveel mogelijk
volgens zijn eigen voorkeuren kunnen inrichten. Voor sommige mensen is
een koptelefoon handig, zodat ze minder snel afgeleid worden. Anderen
zijn gewoon productiever in hun vertrouwde omgeving thuis dan in een
open kantoorruimte. En niemand moet zich verplicht voelen om tijdens de
lunch naar de kantine te gaan. Dat kan erg stressvol zijn voor wie
gevoelig is voor spanningsvelden tussen mensen. Duidelijke communicatie
binnen het team is ook cruciaal: Wat zijn de verwachtingen van mijn rol?
Wat heeft op dit moment de hoogste prioriteit? Uitspraken als ’asap’
kunnen gemakkelijk tot misverstanden leiden, het is beter om specifieke
deadlines te geven. Het mooie is: dit alles komt niet alleen ten goede
aan neurodivergenten. Elk teamlid heeft baat bij een veilige ruimte
waarin iedereen over zijn behoeften kan praten.
Toen je bij
het consultancybedrijf werkte, gaf je leiding aan een team dat voor 70
procent uit neurodivergente collega’s bestond. En je behaalde regelmatig
topcijfers.
Ja, dat toont duidelijk dat diversiteit van denken
vaak leidt tot innovatieve oplossingen voor problemen. Dat komt omdat je
een veel breder scala aan perspectieven en ervaringen hebt en kunt
profiteren van veel verschillende sterktes – van sterk analytisch denken
over precisie en aandacht voor details tot kalmte in stressvolle
situaties. In tijden van een tekort aan geschoolde arbeidskrachten wordt
het daarom steeds belangrijker voor bedrijven om hun angst te
overwinnen en een beroep te doen op neurodivergent talent. Anders blijft
er veel potentieel onbenut. In mijn ogen begint dit met een inclusieve
vacature op de homepage. En AI-tools zoals ChatGPT laten zien dat dit
eigenlijk helemaal niet zo ingewikkeld is: de functie ’neuro-inclusief
taalgebruik’ is daar al lang beschikbaar.
Wist je al ...?
Mensen
van wie de neurologische ontwikkeling en functie afwijkt van die van de
meerderheid van de mensen worden neurodivergent genoemd. Hieronder
vallen autisme, ADHD en dyslexie of dyspraxie.
Terwijl ADHD bij
mannen gemiddeld op 7-jarige leeftijd wordt gediagnosticeerd, wordt dit
bij vrouwen vaak pas op 35-jarige leeftijd vastgesteld.
Op
12-jarige leeftijd hebben neurodivergente mensen ongeveer 20.000 meer
negatieve ervaringen over zichzelf gehad dan neurotypische mensen.
Net
als een vingerafdruk zijn geen twee breinen hetzelfde. Volgens
wetenschappelijk onderzoek is ongeveer 20 procent van de mensen
neurodivers.